Wettelijk minimumloon 1 juli 2021 omhoog

Twee keer per jaar stelt de overheid het wettelijk minimumloon voor een volledige werkweek vast. Dit gebeurt op 1 januari en 1 juli van het jaar. Per 1 juli 2021 wordt het minimumloon verhoogd. In dit artikel zetten we de belangrijkste zaken rond het minimumloon en de komende verhoging voor u op een rij.

In dit artikel leest u meer over de volgende onderwerpen:

Wettelijk Minimumloon 1 Juli 2021 Weer Omhoog

Wat is het wettelijk minimumloon en minimum jeugdloon?

Het wettelijk minimumloon is het loon dat een werkgever minimaal moet betalen aan een medewerker van 21 jaar en ouder. Voor jongere medewerkers geldt het minimum jeugdloon. Dit is een door de overheid vastgesteld percentage van het minimumloon. Medewerkers die na hun AOW-leeftijd doorwerken hebben ook recht op het minimumloon.
Beiden zijn geregeld via de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag. Werkgevers (en medewerkers) moeten zich houden aan de rechten en plichten die hierbij horen. De inspectie SZW kan werkgevers die medewerkers onderbetalen een boete opleggen. De hoogte van de boete hangt af van hoe ver het loon afwijkt van het wettelijk minimumloon en de wettelijke minimumvakantiebijslag. Het kan zijn dat een werkgever ook rekening te houden heeft met afspraken die in een cao zijn vastgelegd. Hierdoor kan het minimumloon in praktijk hoger zijn dan het wettelijk vastgelegde minimum.


Hoe hoog is het minimumloon en het minimum jeugdloon?

Zoals aangegeven wordt dit elke 1 januari en 1 juli van het jaar herzien. De bedragen van het wettelijk minimumloon en minimum jeugdloon gelden voor een volledige werkweek. Nu verschilt dit vaak per bedrijf. Een volledige werkweek kan 40 uur zijn maar bijvoorbeeld ook 38 of 36. Hieronder vindt u een overzicht van: het minimumloon (21 jaar en ouder) en minimum jeugdloon (20 jaar en jonger) per dag, week en maand en een overzicht van het loon per uur op basis van een 36-, 38- en 40-urige werkweek. Zowel voor 1 januari 2021 en 1 juli 2021. De uurlonen zijn naar boven afgerond, omrekenen leidt tot iets hogere bedragen. De officiële bedragen staan in het overzicht met de bedragen per dag, week en maand.

Hieronder vindt u een overzicht voor 2021 (de bedragen zijn bruto):

Per 1 januari 2021


Afbeelding slecht leesbaar? Klik voor een grotere afbeelding.


Afbeelding slecht leesbaar? Klik voor een grotere afbeelding.

Per 1 juli 2021


Afbeelding slecht leesbaar? Klik voor een grotere afbeelding.


Afbeelding slecht leesbaar? Klik voor een grotere afbeelding.


Wie heeft recht op het minimumloon?

Het wettelijk minimumloon (en minimum jeugdloon) geldt voor:

  • Vast en tijdelijk personeel
  • Oproepkrachten
  • Uitzendkrachten
  • Payrollmedewerkers (dit zijn medewerkers die formeel in dienst zijn bij een bedrijf dat aan payrolling doet. Maar die werken bij een andere werkgever, de opdrachtgever)
  • Medewerkers met een werkvergunning
  • Personeel van aannemers of onderaannemers
  • Werkenden op basis van een overeenkomst van opdracht (ovo) of een andere overeenkomst. Voorbeelden van mensen die werken met een ovo zijn: post- of pakketbezorgers, incassomedewerkers, deurwaarders en makelaars

Het geldt niet voor mensen die als zelfstandig ondernemer werken en die door de Belastingdienst ook als ondernemer worden gezien.

Let op: medewerkers met een nulurencontract of min-maxcontract hebben ook recht op het wettelijk minimumloon.


Wat telt mee voor het minimumloon?

Er zijn voor een medewerker verschillende inkomsten die meetellen voor het minimumloon en minimum jeugdloon. Dit zijn:

  • Het basisloon – dit is het loon dat met de medewerker in de arbeidsovereenkomst is afgesproken.
  • Vergoedingen voor meerwerk of overwerk – dit zijn de uren die een medewerker meer werkt dan volgens de arbeidsovereenkomst is afgesproken. Uren die een medewerker méér werkt dan de uren die voor een volledige werkweek binnen uw bedrijf of branche staan, vallen hier ook onder.
  • Toeslagen – denk bijvoorbeeld aan toeslagen voor een ploegendienst of onregelmatige werktijden.
  • Vaste beloningen – hierbij gaat het om (wekelijkse of maandelijkse) beloningen voor de omzet die een medewerker maakt.
  • Fooien – in het geval dat hierover afspraken zijn gemaakt met een medewerker. Hierbij gaat het om beloningen van anderen aan een medewerker voor geleverd werk.

Wat zit niet in het minimumloon?

Medewerkers hebben recht op 8% vakantiegeld over hun loon. Dit is niet in de minimumloon en minimum jeugdloon bedragen verwerkt. Daarnaast kunnen er vergoedingen zijn die nog bovenop het minimumloon komen. Voorbeelden hiervan zijn:

  • Winstuitkeringen
  • Speciale uitkeringen, bijvoorbeeld een uitkering die een medewerker af en toe krijgt voor omzet die is behaald (een prestatiebeloning)
  • Vergoedingen voor kosten die een medewerker voor het bedrijf heeft gemaakt
  • Eindejaarsuitkeringen
  • Uitkeringen die een medewerker pas later en onder bepaalde voorwaarden krijgt zoals een pensioen

Uitzonderingen op het minimumloon

Een uitzondering op de hoogte van het minimumloon en minimum jeugdloon is er voor jongeren met een Wajong-uitkering. Kijk voor meer informatie hierover op de website van UWV.


Compensatieregelingen voor werkgevers

Tussen 1 juli 2017 en 1 juli 2019 heeft de overheid om verschillende redenen het minimumjeugdloon stapsgewijs verhoogd. De belangrijksten zijn:

  • Tot 21 jaar hebben ouders een wettelijke onderhoudsplicht voor hun kind. Hierna moet je voor jezelf kunnen zorgen. Hier hoort het op jezelf kunnen wonen en vaste lasten kunnen dragen ook bij.
  • Medewerkers worden steeds meer beloond op basis van opleiding en ervaring dan op leeftijd. In een aantal cao’s is er al geen jeugdloonschaal meer.
  • Veel jongeren hebben op hun 21e al een diploma en gaan dan fulltime werken.
  • Medewerkers moeten voor gelijke werkzaamheden een gelijk loon krijgen. Het minimumjeugdloon voor 21- en 22-jarigen pastte niet bij dit uitgangspunt.

De percentages waarmee werd gerekend gingen in die periode omhoog en de leeftijd waarop een medewerker recht heeft op het minimumloon werd verlaagd van 23 naar 21 jaar.
Medewerkers van 18 tot en met 21 jaar zijn daardoor duurder geworden voor werkgevers. En dit kan weer van invloed zijn op de werkgelegenheid van jongeren, die kan hierdoor minder worden. Om dit te voorkomen kunnen werkgevers gebruikmaken van de compensatieregelingen Lage-inkomensvoordeel (LIV) en Tegemoetkoming verhoging minimumjeugdloon (jeugd-LIV). Deze leggen we hieronder verder uit. 

Lage-inkomensvoordeel (LIV)

Sinds 1 januari 2017 kunt u als werkgever het LIV krijgen voor medewerkers met een laag inkomen. De hoogte van ervan kan oplopen tot maximaal € 960,- (voor 2021) per medewerker per jaar. Hoeveel het voordeel precies is, hangt af van:

  • Het aantal contracturen inclusief overuren van de medewerker waarover u loon betaalt (de verloonde uren);
  • Het gemiddelde uurloon (het jaarloon gedeeld door het aantal verloonde uren).

Als werkgever hoeft u het LIV niet aan te vragen. UWV beoordeelt aan de hand van de ingediende aangiften loonheffing voor welke medewerkers recht bestaat op het LIV. De Belastingdienst keert de vergoeding automatisch uit. Met de ‘regelhulp financieel CV’ van de overheid kunt u zelf controleren of u recht heeft op het LIV.

Tegemoetkoming verhoging minimumjeugdloon (jeugd-LIV)

Sinds 1 januari 2018 kunt u als werkgever een tegemoetkoming krijgen voor jongeren van 18 tot en met 20 jaar. UWV beoordeelt of u als werkgever in aanmerking komt voor de jeugd-LIV en geeft dit dan door aan de belastingdienst. De Belastingdienst betaalt de tegemoetkoming na afloop van het kalenderjaar automatisch uit.

Belangrijk voor u als Sazas-klant

Onze verzuimuitkeringen worden gebaseerd op het verzekerd loon dat u aan ons doorgeeft. Daarom is het belangrijk dat deze gegevens kloppen. Alleen op die manier krijgt u de juiste vergoeding en uw medewerker de juiste uitkering. Geef loonwijzigingen daarom op tijd door. Naast de wijziging van het minimumloon en minimum jeugdloon per 1 juli kunnen er ook cao-wijzigingen voor uw branche gelden.

U kunt de wijzigingen aan ons doorgeven via MijnSazas. Heeft u vragen over gegevens doorgeven en MijnSazas, kijk dan even bij de veelgestelde vragen over dit onderwerp.


Meer informatie

Voor meer informatie over LIV en jeugd-LIV, hoe het wordt berekend (voor 2021) en voor wie het geldt, kunt u het Kennisdocument 'Wet tegemoetkomingen loondomein’ van de Rijksoverheid downloaden.

Let op: de voorwaarden voor het LIV en jeugd-LIV veranderen ieder kalenderjaar. Per 2024 komt de regeling jeugd-LIV volledig te vervallen. Het LIV verandert vanaf 2024 tot een loonkostenvoordeel voor jongeren, het ‘Loonkostenvoordeel Jongere Werknemer’.

Niet gevonden wat u zocht? Bel of mail: