Verzamelwet 2022: vier veranderingen op een rij

In de verzamelwet van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) zijn een aantal wetten gewijzigd per 1 januari 2022. We zetten vier veranderingen voor u op een rij. Het gaat onder andere om de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA) en de Ziektewet (ZW). Het gaat niet om grote beleidswijzingen, maar om technische verbeteringen en verhelderingen.

Verzamelwet

Om welke veranderingen gaat het?

  • De werkgever krijgt geen medische gegevens meer van UWV
  • Beperking fictieve Ziektewet-claims van eigenrisicodragers
  • UWV stopt met het publiceren van de instroomcijfers WGA
  • UWV kan WIA-voorschotten verhalen op de eigenrisicodrager WGA

De werkgever krijgt geen medische gegevens meer van UWV

Vanaf 1 januari 2022 deelt UWV geen medische gegevens meer met uw klant. Het maakt niet uit of de medewerker van uw klant toestemming heeft gegeven, ook dan worden de medische gegevens niet gedeeld. De gemachtigde van uw klant krijgt namens hem of haar wel inzage in de medische gegevens. Als uw klant nog geen gemachtigde heeft, dan zullen deze werkgevers een gemachtigde moeten inschakelen. De medewerker van uw klant heeft uiteraard wel recht op inzage in zijn of haar medische gegevens. De wetswijziging is op 1 januari 2022 ingegaan en is van toepassing op de WIA, de WAO en de Ziektewet.

Er zijn geen gevolgen als de medische gegevens vóór 1 januari 2022 aan uw klant zijn verstrekt.


Beperking fictieve ZW-claims van eigenrisicodragers

De nieuwe regels zorgen voor minder fictieve Ziektewet-claims van eigenrisicodragers. Een onbedoeld effect van de no-riskpolis was dat UWV fictieve ziektewet-claims moest vaststellen. Dit gebeurde als uw klanten het ziekengeld pas na jaren claimden. Daardoor kon het ziekengeld niet meer uitbetaald worden. Dit komt omdat het ziekengeld over ten hoogste één jaar met terugwerkende kracht wordt uitbetaald. Deze termijn van één jaar blijft ook gewoon bestaan. Ziekengeld kan achteraf worden geclaimd en met terugwerkende kracht tot ten hoogste één jaar worden toegekend.

UWV moet in deze situaties alleen voor de mogelijke WIA-gevolgen een fictief recht op ziekengeld vaststellen. Dit geldt voor de toerekening van de uitkering aan eigenrisicodragers of verhoging van de gedifferentieerde premielasten voor publiek verzekerde werkgevers. Mogelijk moet de verzekerde daarvoor worden onderzocht door een arts van UWV. UWV moet ook aan de verzekerde brieven sturen over een recht op ziekengeld, dat toch nooit tot uitbetaling kan komen.

Om dit te voorkomen is nu in de WIA opgenomen dat bij lange termijnoverschrijdingen, UWV geen ziekengeld meer toekent en uitbetaalt. Het recht op ziekengeld eindigt op zijn laatst wanneer de medewerker instroomt in de WIA, nadat de twee jaar wachttijd zijn doorlopen. Tot bijna een jaar na instroom in de WIA kan er een ZW-claim worden ingediend waarvoor nog daadwerkelijk ziekengeld wordt uitgekeerd. Als door dit tijdverloop helemaal geen ziekengeld wordt toegekend, kan de werkgever ook niet meer voorkomen dat die de WGA-uitkering zelf moet betalen (als de werkgever eigenrisicodrager is). Of dat zijn of haar gedifferentieerde premie wordt verhoogd (als de werkgever publiek verzekerd is). Adviseer uw klanten dus om de claim tijdig te doen. Uiterlijk drie jaar na de eerste ziektedag. Hiermee voorkomt u dat uw klanten zelf de WGA-lasten moeten dragen en beperkt u het financiële risico

Er is nog wel overgangsrecht geregeld voor claimverzoeken die gedaan zijn voor 1 januari 2022. Als uw klant eigenrisicodrager is dan hoeft die voor die claimverzoeken de WGA-uitkering niet zelf te betalen.


UWV stopt met het publiceren van de instroomcijfers WGA

De Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (Wet WIA) is gewijzigd per 1 januari 2022. Nieuw in deze wet is dat UWV niet langer de instroomcijfers WGA publiceert. Dat deed UWV bij werkgevers die minimaal 250 medewerkers in dienst hadden. Het doel van de publicatie was dat uw klant zichzelf kon vergelijken met het landelijk gemiddelde of met andere bedrijven uit dezelfde sector.

Het WGA-instroompercentage gaf aan hoeveel medewerkers van uw klant recht kregen op een WGA-uitkering. Zo wist uw klant hoe goed het lukte om de arbeidsongeschiktheid binnen zijn of haar bedrijf terug te dringen. UWV stuurde eerst een brief aan werkgevers, en maakte daarna de gegevens openbaar. In de UWV brief stonden persoonsgegevens zoals BSN, geslacht en geboortedatum. Maar dit kan niet in verband met de privacy wetgeving. Er is namelijk geen wettelijke grondslag voor het verstrekken van de persoonsgegevens. Daarom is nu uit de wet geschrapt dat UWV over de instroomcijfers WGA rapporteert.


UWV kan WIA-voorschotten verhalen op de eigenrisicodrager WGA

Er is nu in de WIA duidelijker geregeld dat UWV een voorschot op grond van de Werkhervattingsregeling gedeeltelijk arbeidsgeschikten (WGA) kan verhalen op de eigenrisicodrager WGA. Dit deed UWV al, maar vóór 1 januari 2022 was uit de wetstekst niet op te maken of dit terecht was.

Als UWV niet tijdig een beslissing kan nemen over een WIA-aanvraag, dan krijgt de (ex)medewerker van uw klant een WIA-voorschot van UWV. Hierdoor komt iemand niet zonder inkomen te zitten als de loondoorbetaling bij ziekte of Ziektewet gestopt is. Heeft uw klant er als eigenrisicodrager voor gekozen om zelf de WGA-uitkering te betalen, dan verhaalt UWV het voorschot op uw klant.

De WGA-uitkering wordt in die gevallen dus aan uw klant doorberekend. Als bij de definitieve beslissing op de WIA-aanvraag blijkt dat de medewerker recht heeft op geen of een lagere uitkering, dan betaalt UWV het te veel betaalde voorschot terug aan de eigenrisicodrager. Ook kan het voorschot verrekend worden met een volgende factuur. Werkgevers die geen eigenrisicodrager zijn, krijgen niet te maken met problemen als het gaat om voorschotten.

Niet gevonden wat u zocht? Bel of mail: