Op weg naar een eenvoudiger stelsel van sociale zekerheid

De overheid wil dat iedereen die kan en wil werken aan de slag gaat. Maar mensen die dit (tijdelijk) niet kunnen - bijvoorbeeld door ziekte of werkloosheid - moeten wel voldoende steun krijgen. De regels hiervoor zijn niet altijd begrijpelijk en uitvoerbaar. Daarom gaat het sociale zekerheidsstelsel op de schop. Het moet vooral eenvoudiger, zodat burgers beter ondersteund en werkgevers meer ontlast worden. Er gaan dus een aantal zaken veranderen, ook voor u als accountant én voor uw klanten. Wat precies, dat is nog niet bekend. In dit artikel leest u meer over wat de knelpunten in het huidige stelsel zijn en hoe de overheid werkt aan een het eenvoudiger maken van de sociale zekerheid.

Eenvoudiger stelsel sociale zekerheid

Wat is het socialezekerheidsstelsel?

Ons stelsel van sociale zekerheid bestaat uit een groot aantal voorzieningen die mensen (extra) inkomenssteun bieden. Hierbij kunt bijvoorbeeld u denken aan de werkloosheidsuitkering (WW), de bijstandsuitkering, de AOW, uitkeringen bij ziekte en arbeidsongeschiktheid, maar ook de kinderbijslag en het kindgebonden budget.


Wat zijn de knelpunten in het huidige stelsel?

De wetten en regels rondom deze voorzieningen zijn de afgelopen jaren erg ingewikkeld geworden. Mensen weten soms niet waar ze recht op hebben. Of wat ze moeten doen om ergens gebruik van te maken. Het is soms ook lastig voor mensen dat het recht op steun verandert wanneer de eigen omstandigheden veranderen. Bijvoorbeeld als iemand een baan krijgt, of meer uren gaat werken. Of wanneer de gezinssituatie verandert.

Ook kan het aanvragen van een uitkering soms zoveel van mensen vragen dat ze toch maar besluiten om dit niet te doen. Daardoor kunnen ze inkomen of hulp mislopen.


Hoe werken we aan een eenvoudiger stelsel van sociale zekerheid?

De overheid heeft een planning gemaakt om het socialezekerheidsstelsel eenvoudiger te maken. Dit wordt ook wel de vereenvoudigingsagenda genoemd. Deze agenda geeft een overzicht van de onderwerpen waar de overheid al actief mee bezig is op dit vlak.

Deze acties moeten er uiteindelijk toe te leiden dat mensen:

  • weten op welke voorzieningen ze recht hebben en wat hun plichten zijn;
  • in staat zijn om deze rechten te gebruiken en aan de plichten te voldoen;
  • hierbij ondersteuning krijgen;
  • weten wat de gevolgen zijn (onder andere voor hun inkomen) als zij gebruikmaken van het recht op bepaalde voorzieningen;
  • weten bij wie zij terecht kunnen om gebruik te kunnen maken van regels en voorzieningen.

Tot slot moeten de wetten en regels ook uitvoerbaar en uit te leggen zijn.


Daarnaast gaat de overheid de komende jaren zoveel mogelijk informatie verzamelen over de problemen waar burgers, werkgevers, uitvoeringsorganisaties en gemeenten tegenaan lopen door de ingewikkelde wetten en regels. Deze onderwerpen worden aan de vereenvoudigingsagenda toegevoegd. Vervolgens wordt de agenda gebruikt om in de gaten te houden of de problemen volgens planning worden opgelost. De ministers van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en van Armoedebeleid, Participatie en Pensioenen sturen de vereenvoudigingsagenda ieder jaar voor de zomer naar de Tweede Kamer.


Wat is het IBO-onderzoek?

Tegelijk met de vereenvoudigingsagenda is een Interdepartementaal Beleidsonderzoek (IBO) gestart naar hoe de sociale zekerheid eenvoudiger kan worden gemaakt. Een speciale werkgroep gaat onderzoeken hoe verschillende overheidsinstanties beter met elkaar kunnen samenwerken en op welke punten het beleid makkelijker gemaakt kan worden. De burger staat daarbij centraal. Maar de regels worden ook bekeken vanuit het standpunt van werkgevers en uitvoeringsorganisaties.

Er wordt aan de ene kant gekeken naar mogelijkheden om de regels op korte termijn eenvoudiger te maken, maar ook hoe oplossingen op lange termijn kunnen leiden tot een eenvoudiger systeem.

Het IBO neemt de onderwerpen uit de vereenvoudigingsagenda ook mee. Waarschijnlijk wordt het IBO eind dit jaar afgerond. Het is dan aan de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid om met de uitkomsten aan de slag te gaan.


De vereenvoudigingsagenda: startpunt voor oplossingen, maar ook moeilijke keuzes

De vereenvoudigingsagenda geeft een overzicht van de onderwerpen waar de overheid al actief mee bezig is, om ons stelsel van sociale zekerheid eenvoudiger te maken. Niet alle onderwerpen kosten evenveel tijd om uit te werken. En ook wordt niet met alle onderwerpen tegelijk gestart. De vereenvoudigingsagenda is dan ook geen vaste agenda, maar een proces dat blijft doorgaan.

De informatie die via de uitvoeringsagenda wordt verzameld, vormt steeds het startpunt voor het bedenken van oplossingen. Het veranderen van wetten en regels kan een oplossing zijn. Maar de oplossing kan ook het verbeteren van communicatie zijn. Of in een andere manier van werken.

Soms lopen beleidsmakers tegen moeilijke keuzes aan. Je kunt sommige regels voor inkomenssteun wel eenvoudiger maken, maar door minder voorwaarden te stellen, hebben vaak ook meer of minder mensen recht op de regeling. Regels voor inkomenssteun zijn vaak zo gemaakt dat ze de doelgroep zo precies mogelijk bereiken.

Zo zijn er meer lastige keuzes. Veel regels waren ooit het gevolg van politieke keuzes. De politiek zal deze keuzes opnieuw tegen het licht moeten houden, voordat sommige regels eenvoudiger gemaakt kunnen worden. Hierdoor kosten veranderingen meer tijd.

Ook zijn sommige regels inmiddels ouderwets geworden. Zo sluit de manier waarop mensen vandaag de dag samenleven niet altijd aan bij leefvormen die bijvoorbeeld in de AOW zijn vastgelegd.

Daarnaast staan sommige overheidsregels een goede werking van andere regels in de weg. Niet iedereen maakt gebruik van de regeling(en) waar hij of zij recht op heeft. Hierdoor kan het zijn dat mensen onnodig van te weinig geld moeten rondkomen. Omdat overheidsinstanties niet zomaar persoonsgegevens mogen uitwisselen, is het nu niet mogelijk om mensen persoonlijk te laten weten voor welke regelingen zij in aanmerking komen.

Tot slot ging de overheid in het verleden te vaak uit van kwade opzet, wanneer burgers gegevens niet op tijd aanleverden. Dat leidde vaak tot hoge boetes. Die denkwijze is inmiddels veranderd. Er is meer begrip voor onbedoelde fouten en het feit dat mensen veranderingen soms niet op tijd kunnen doorgeven.

Aan deze informatie kunnen geen rechten worden ontleend. Ondanks dat deze informatie met de grootste zorg is samengesteld, kan het gebeuren dat bepaalde informatie niet meer actueel is.