RSI: wat is het en hoe kan uw klant verzuim hierdoor voorkomen?

In Nederland hebben zo’n 3,2 miljoen mensen te maken met RSI-klachten. Zo had in 2020 43% van de thuiswerkers RSI-klachten, met name accountants en ICT’ers. Maar ook bij beroepen zonder beeldschermwerk komt RSI voor. Wat is RSI en wat kunnen uw klanten doen om de kans op RSI te verkleinen?

 


Wat is RSI?

RSI is de afkorting van het Engelse woord ‘Repetitive Strain Injury’. Dit staat voor klachten in de bovenrug, nek, schouders, armen, ellebogen, polsen, handen en vingers. We noemen het RSI als de klachten langer dan zes weken aanwezig zijn.

In de medische wereld wordt ook wel het woord KANS gebruikt. KANS staat voor ‘Klachten Arm, Nek en/of Schouder’. U kunt ook de Engelse term CANS tegenkomen.

RSI Wat Het Is En Hoe Het Voorkomen

Hoe ontstaat RSI?

RSI kan ontstaan door vaak dezelfde beweging te herhalen of door lang in dezelfde (ongemakkelijke) houding te zitten of te staan. Het kan ook komen door trillingen, kracht zetten of te weinig afwisseling in taken. RSI ontstaat meestal geleidelijk.

Er zijn factoren die de kans op RSI verhogen. Deze zijn in te delen in drie groepen: persoon, omgeving en activiteit.

  • Persoon
    RSI komt vaker voor bij vrouwen en jongeren. Daarnaast spelen lichaamsbouw en een slechte conditie mee. Wie perfectionistisch is of juist weinig motivatie heeft op het werk, heeft ook een hogere kans op RSI.
  • Omgeving
    Een goede werkomgeving verkleint de kans op RSI. Dit begint bij een goede werkplek. Op kantoor bijvoorbeeld met een bureaustoel en beeldscherm die juist zijn afgesteld. Ook de werksfeer is belangrijk. Fijn samenwerken, weinig stress, een niet te hoge werkdruk en de mogelijkheid om zelf het werk in te delen dragen bij aan een prettige werksfeer.
  • Activiteit
    Een hoge belasting is een belangrijke oorzaak van RSI. Dit kan komen door lang in één (ongemakkelijke) houding te werken, bijvoorbeeld achter de computer. Ook het gebruiken van verkeerd gereedschap, zware lichamelijke activiteiten en heel precieze bewegingen kunnen RSI veroorzaken.

Welke klachten geeft RSI?

RSI is te herkennen aan de volgende klachten:  

  • Pijn in de vingers, pols, armen, rug, nek en/of schouders;
  • De bovengenoemde lichaamsdelen voelen warm of juist koud aan;
  • Kramp of stijfheid rond de nek en schouders;
  • Tintelingen in de vingers of handen;
  • Een dof gevoel in de arm of hand;
  • Hoofdpijn;
  • Minder kracht;
  • Misselijkheid door de pijn.


Misverstanden over RSI

Rondom RSI bestaan er veel misverstanden. Enkele misverstanden zijn:

RSI is hetzelfde als een muisarm

Veel mensen denken dat RSI hetzelfde is als een muisarm. Een muisarm is een blessure aan de arm-, pols-, nek- en schouderspieren die ontstaat door veel en lang werken aan de computer, vaak in een verkeerde houding. Een muisarm is niet hetzelfde als RSI, maar een voorbeeld ervan.

RSI komt door beeldschermwerk

In Nederland heeft één op de vijf werkenden RSI-klachten. Zij doen niet allemaal computerwerk. RSI komt dus ook voor bij beroepen zonder beeldschermwerk. Heeft u bijvoorbeeld klanten waar caissières, inpakkers, schilders of kappers werken? Ook onder deze beroepsgroepen kan RSI voorkomen.

RSI is een modeziekte

Sommigen denken dat RSI een modeziekte is. Met een modeziekte wordt er bedoeld dat een ziekte in korte tijd veel voorkomt, bijvoorbeeld omdat er veel aandacht voor is, en daarna weer verdwijnt. Onderzoek laat zien dat dit bij RSI niet het geval is. Al twintig jaar ligt het percentage Nederlandse werkenden met RSI-klachten rond de 25%. Hoeveel aandacht ervoor is op de werkvloer en in media maakt daarbij niet uit. In landen waar het woord RSI niet wordt gebruikt of waar er geen media-aandacht voor is, bestaan toch RSI-klachten.



Wat te doen bij RSI?

RSI hoeft niet blijvend te zijn. Zelfs bij zware klachten kan iemand herstellen. Dit gaat alleen niet vanzelf. Daarom is het belangrijk dat werkgevers direct actie te ondernemen, ook als een medewerker beginnende klachten heeft.
Als een medewerker RSI-klachten heeft, kan de werkgever een bedrijfsarts of Arboarts inschakelen. Zij kunnen uw klant advies geven. Dit kunt u ook als tip meegeven aan uw klanten. Daarnaast is het belangrijk om aanpassingen te doen om verergering van klachten te voorkomen. Zitten medewerkers veel achter hun computer? Dan is een goede bureaustoel belangrijk. Heeft u klanten waarbij medewerkers aan de lopende band staan? Zij kunnen bijvoorbeeld de hoogte daarvan beter afstellen op hun medewerkers. Heeft u klanten in de logistiek? Misschien is een hulpmiddel een oplossing, zodat de medewerker minder zwaar werk hoeft te doen. Afwisselender werk, meer pauzes en het verlagen van de werkdruk helpen ook om RSI te voorkomen.

RSI en verzuim

Er wordt vaak gedacht dat RSI leidt tot langdurig verzuim. In de praktijk verzuimt 1 op de 100 medewerkers met RSI-klachten langer dan drie maanden. Het aantal dat in de WIA terecht komt is 3%. Daarvan keert een groot deel uiteindelijk wel weer terug op de arbeidsmarkt.


Wat kunnen werkgevers doen om RSI te voorkomen?

Uw klanten willen het liefst verzuim voorkomen. Dit kan door de risicofactoren te beperken. Onderstaande checklijst is daarbij handig. U kunt deze delen met uw klanten.

  • Is het materiaal geschikt?
    Heeft de medewerker een bureaustoel die hij of zij zelf kan instellen? Is het juiste gereedschap voor werkzaamheden aanwezig? Een werkplekonderzoek kan u hierbij helpen.
  • Weet de medewerker hoe hij/zij het materiaal moet gebruiken?
    Weet de medewerker wat de juiste hoogte voor een beeldscherm is en hoe hij of zij deze kan instellen? En weet de medewerker hoe hij of zij gereedschap of een hulpmiddel kan gebruiken, terwijl het lichaam zo min mogelijk wordt belast? Is er een preventiemedewerker die hierop kan toezien?
  • Zijn er hulpmiddelen aanwezig?
    Bij fysiek zware beroepen is het handig om hulpmiddelen te hebben. Denk bijvoorbeeld aan een palletwagen of een dozenvouwer. Daardoor hoeft een medewerker minder zwaar werk te doen.
  • Wat is de werkhouding van de medewerker?
    Maakt de medewerker vaak dezelfde beweging achter elkaar? Zit hij of zij lang in dezelfde (ongemakkelijke) houding? Of moet de medewerker steeds een heel precieze beweging maken? Meer afwisseling en/of pauzes kunnen helpen om RSI-klachten te voorkomen.
  • Is er een fijne werksfeer?
    Is er leuk contact tussen collega’s? Heeft de medewerker de mogelijkheid om zelf het werk in te delen? Ervaart de medewerker niet teveel stress en/of een te hoge werkdruk?
  • Zijn er persoonlijke factoren aanwezig?
    Is de medewerker bijvoorbeeld heel perfectionistisch? Of zijn er medewerkers met weinig motivatie? Dit kan de kans op RSI verhogen. Het kan helpen om hierover het gesprek aan te gaan met de medewerker.

Doordat werkgevers goed naar hun organisatie kijken, kunnen ze factoren ontdekken die de kans op RSI vergroten. Ook is het voor werkgevers belangrijk om hierover in gesprek te gaan met hun medewerkers. Medewerkers zien misschien andere risicofactoren, omdat zij alles weten over de werkzaamheden die zij doen. Zo kunnen werkgevers met medewerkers samenwerken aan oplossingen met het uiteindelijke doel: minder (verzuim door) RSI-klachten.